Nieuwsbrief paard juli 2016

3 juli 2016

Mestonderzoeken en ontwormen

In de zomer lopen paarden vaak een groot deel van de dag of zelfs dag en nacht op de weide. Het is van belang om de wormbesmetting in de gaten te houden. Wormen kunnen bij paarden enorme problemen veroorzaken zoals diarree, vermagering, slechte groei, koliek (buikpijn), bloedarmoede en in heel ernstige gevallen zelfs sterfte. Wormeieren worden met de mest op de weide uitgescheiden en zo kunnen andere paarden (of hetzelfde paard opnieuw) besmet worden. Het streven is om de infectiedruk op de weide laag te houden.

Om een idee te krijgen over de graad van besmetting wordt er mestonderzoek gedaan. Aan de hand van de uitslagen van mestonderzoeken kunnen wormen gericht en doeltreffend bestreden worden. Voor het voorkomen en behandelen van wormen zijn geen standaard schema’s te geven. Wormbestrijding is maatwerk! Het is achterhaald om alle paarden standaard te ontwormen. Dit laatste is omdat er op deze manier veel paarden onnodig behandeld worden, wat leidt tot resistentie.

Tijdens een mestonderzoek wordt er gekeken naar de hoeveelheid en de soort wormeitjes in de mest.  Er wordt bepaald hoeveel eieren er aanwezig zijn per gram ontlasting (EPG) en aan de hand van deze waarde wordt een ontwormadvies gegeven. Mestonderzoek is het meest van belang in het voorjaar en in de zomer omdat de wormen dan het meest actief zijn en de meeste eitjes uitscheiden.

De mest voor het mestonderzoek dient zo vers mogelijk te zijn. Ook moet worden vermeden dat er veel zand of zaagsel aan het monster plakt. Het monster kan luchtdicht in een zakje verpakt worden, graag met de gegevens van de eigenaar en het paard (naam en leeftijd) bijgevoegd. Als de mest niet direct naar de praktijk gebracht kan worden, dan graag in de koelkast bewaren.

Het advies is om van alle dieren apart mestonderzoek te doen. De ei uitscheiding per paard kan namelijk sterk verschillen. Dit is mede afhankelijk van de weerstand die het individuele paard opgebouwd heeft tegen de wormen.

Tips voor goed weidemanagement:

-        Verwijder de mest van de weide en voer het af.

-        Laat de weide tussentijds begrazen door andere diersoorten, bijv. schapen of koeien. De wormen van    paarden zijn voor hen niet gevaarlijk en dat geldt andersom ook.

-        Tussentijds maaien verlaagt de infectiedruk.

-        Indien mogelijk, verplaats de paarden dan regelmatig naar verschillende, liefst schone percelen.

Actie voor de maand juli: 10% korting op mestonderzoek!

 

Staart en Manen Eczeem (SME)

Naast wormen worden paarden in de zomer ook geplaagd door insecten zoals vliegen, muggen en dazen. Sommige paarden krijgen een allergische reactie als ze gestoken worden door muggen (cullicoïdes) wat kan leiden tot SME.

Door het extreem natte voorjaar, zijn er veel plaatsen met stilstaand water. Muggen hebben stilstaand water nodig om hun eitjes in te leggen en de larven tot ontwikkeling te laten komen. In diverse media wordt nu al gesproken over een muggenplaag. Op de Faculteit Diergeneeskunde in Utrecht is een insecten-dodend middel getest, wat geregistreerd is voor runderen. Dit middel blijkt prima geschikt om bij paarden te gebruiken. Het heeft namelijk een veel langere werkingsduur dan de gemiddelde vliegenspray, omdat de werkzame stof wordt opgeslagen in het vetweefsel. Een dosering van 25 ml is bij het paard 1-3 weken effectief. Hierdoor worden de kosten van de vliegenbestrijding aanzienlijk lager.

In de maanden juli en augustus geldt een extra korting van 10% op dit product.

Tectonic Pour-on 1 liter nu voor €51,29 (1 liter is voldoende voor 40 behandelingen!)


Pituitary Pars Intermedia Dysfunction (PPID)

Voorheen werd PPID bij het paard de ziekte van Cushing genoemd. PPID is een aandoening die vooral bij oudere paarden voorkomt. Bij PPID ontstaat er een verstoring van de hormoonhuishouding. Deze hormonale verstoring heeft diverse ziekteverschijnselen tot gevolg. De meest opvallende zijn hoefbevangenheid, een lange en krullerige vacht, een veranderende lichaamsbouw, spierverlies, verminderde weerstand, verminderd presteren en veel drinken en plassen.

 

Om PPID vast te stellen kan bloedonderzoek gedaan worden. In de meeste gevallen kan de diagnose gesteld worden door een eenmalige bepaling van de ACTH-spiegel. In principe kan bloedonderzoek het hele jaar uitgevoerd worden, echter is het najaar (augustus, september, oktober) de meest geschikte periode omdat het verschil in ACTH-spiegels tussen de gezonde paarden en de paarden met PPID, dan het grootst is.

Wanneer er bij uw paard PPID wordt vastgesteld, is er een behandeling mogelijk in de vorm van dagelijks toe te dienen medicatie. De prognose voor paarden met PPID die behandeld worden, is in de meeste gevallen goed. Vroegtijdige diagnose zal helpen om allerlei ziekteverschijnselen te voorkomen. Alhoewel een paard met PPID levenslange medicatie nodig zal hebben, zorgt een goede behandeling en verzorging er meestal voor dat het paard vrolijk, fit en in goede conditie blijft.

Voor meer uitleg of informatie over de diagnostiek en behandeling van PPID kunt u altijd contact opnemen met de praktijk of kijk op www.ppidbijpaarden.nl